Reactie op het reisverslag Portugal en Dagboek.
Naar aanleiding van het schrijven en publiceren van het Dagboek over de studiereis naar Portugal kreeg ik enkele weken na publicatie een reactie van Jos van Acht.
Leest U zelf maar mee, en oordeel zelf maar.
(het Dagboek kan u hier vinden.)
Van Jos aan LucBeste Luc,
Ik vond dat ik moest reageren omdat jij schreef “dat er geen enkele emigrant was die vond dat je overdreven hebt”.
Wat je waarschijnlijk niet weet is ,dat naar aanleiding van je dagboek ,er nog nooit zoveel gemaild is (met emigranten onderling) dan ooit tevoren (gefeliciteerd hiermee). 90% van de reacties waren erg kritsch tov. je verhaal.
Mensen waar je bent geweest vertellen dat je dingen uit hun context hebt gehaald en vooral “het negatieve” hebt belicht in je dagboek.
Mijn mening ? Natuurlijk zijn er hier dingen die ik liever anders zou zien : ik zou willen dat het hier het hele jaar groen was , 25 graden celcius , dat alle mensen hier Nederlands spraken en dat ik na 3 jaar zoveel geld had verdiend dat ik met pensioen kon.
Maar waar kan dat wel?
Waarschijnlijk is het in Belgie zoveel beter ,en kun jij met 40 uur werken per week een hele goede boterham verdienen en vind je het heel belangrijk om in de buurt van familie en vrienden te wonen , prima . Ik heb respect voor iedereen die op een eerlijke manier een boterham verdient .
De reden dat je hier veel emigranten op hun (niet “lange”) tenen hebt getrapt is dat de meeste juist heel gelukkig zijn hier.
Veel van de emigranten zijn aan het uitbreiden of maken plannen om uit te breiden (meestal betaald uit de cashflow want banken zijn hier heel voorzichtig), op een feestje onder Nederlanders zie je meer jeeps (en geen oude) dan gewone auto´s kortom er is een positieve stemming.
Over de Portugezen die hier werken ben ik prima tevreden , ik betaal ze voor Portugese begrippen goed , maar ze werken goed , hebben vaak goede ideeen en kijken niet op een paar uurtjes extra.
Ik vind het dan ook nogal wat als je durft te beweren dat +/- 5 miljoen (werkzame deel van de bevolking) van de Portugezen die niet als immigrant in het buitenland werken “minder werkzaam of minder betrouwbaar”' zouden zijn .( Dat zou zoiets zijn als zeggen dat alle Belgen dom zijn)
Bij mij werken Oekrainiers (staan de Belgen in de rij om ’s nachts koeien te melken ??? (3 x daags melken )
Ik ben hier 8 jaar geleden gekomen met Marianne mijn Nederlandse vrouw, we hebben hier 3 zonen gekregen die het op school prima naar hun zin hebben (veel vriendjes , sport en feestjes)
Ik ga meer op vakantie (buiten bezoek aan Nederland) dan ooit , en ondertussen zijn we gegroeid van 50 koeien en 20 ha land (in Nederland, en niet duur weggekocht zoals vermeld in je Dagboek) naar 380 koeien en 95 ha beregenbaar land hier.
Ik denk dat een gemiddeld bedrijf (1 - 4 miljoen liter quotum) tussen de 7 en 10 cent per liter overhoud (over meerdere jaren), dus jullie hoeven nog geen gironummer te openen voor die arme emigranten
Ik vraag me dan ook af, Luc, ben je bevooroordeeld naar Portugal afgereisd of wilde je graag een kritisch stukje schrijven om reacties te ontlokken ??
Groeten en succes met je blog ,
Jos van Acht , Elvas ,Portugal
P.s. Ik schrijf deze reactie niet om meer emigranten hier naar toe te halen, want er is hier een stuctureel melk-tekort en dat wil ik graag zo houden.
Van Luc aan Jos Uit de briefwisseling en een (lang) telefoongesprek met Lucia heb ik wel begrepen dat ik (misschien te achteloos) ben voorbijgegaan aan enkele zaken die voor jullie zeer belangrijk zijn.
Ik heb misschien de indruk gegeven dat velen van jullie daar met een grote zak geld zijn toegekomen. Die indruk hadden we gekregen door het feit dat we enkele bedrijven bezochten waar geld verdiend werd voor een investeerder (van nu of van lang geleden).
Uiteraard hebben wij daar als bezoekers kritische vragen bij. Dat is uiteindelijk ook het doel van onze reis. Wij willen vergelijken met onze thuissituatie, en daar is het meestal één bedrijf geleid door één gezin, voor eigen opbrengst.
Ondertussen heb ik wel begrepen dat ook velen van jullie met meer ambitie en goesting dan geld naar daar getrokken zijn, en daar bijna uit het niets een boerderij hebben opgebouwd waar wij zeker van opkijken. Dat is zeker een proficiat waard. Ik heb dit inderdaad te weinig laten uitschijnen.
Daarvoor is een Dagboek misschien te kort, ik krijg van de redactie 3800 lettertekens te vullen, en ik wil daar zoveel mogelijk inpersen, en ja, dan komt er soms wat uitleg tekort.
In mijn reactie aan Mieke (zie tekst) heb ik dat proberen te verwoorden. Ik heb ook duidelijk gezegd dat ik gezien heb dat de meesten onder jullie daar momenteel heel gelukkig zijn. Ik heb zelf een beetje naar de toekomst gegokt (na de actieve loopbaan), en misschien was dit niet helemaal correct. Misschien had ik een paar beelden voor me van emigranten die na verloop van tijd toch zijn teruggekeerd naar geboortestreek.
Wat de werkzaamheid en betrouwbaarheid van de Portugezen betreft heb ik dat allicht te cru weergegeven. Van Lucia haddden we gehoord dat het zo moeilijk is om te betrouwen op Portugese firma's als aannemers of onderaannnemers vooral over wanneer ze gaan komen werken), en ik had dat verkeerd begrepen. Het zou inderdaad nogal wat zijn als 5 miljoen Portugezen door mij niet betrouwbaar zouden verklaard worden. Ach en op het ene bedrijf is de personeelswissel meer een probleeem dan bij de ander, die verhalen hebben we ook gehoord. Maar dat er dan veel Oost Europese werkers kwamen, daar moesten we als Vlaming toch van opkijken. Dat zien we hier (nog) niet zo.
En over die scholing denk ik dat we ongeveer op dezelfde golflengte zitten: goed en enthousiast en liefdevol onderwijs in het middelbaar, en daarna zijn er inderdaad die hun kinderen de blik op de wereld laten verruimen door hen terug naar Nederland te sturen. Dat ligt allicht al een beetje in de aard van de emigranten zeker, die wijde blik op de wereld?
Jos en de anderen, ik heb begrepen dat er nogal wat commotie ontstaan is naar aanleiding van de publicatie van mijn Dagboek.
Dit betekent echter wel dat jullie oprecht begaan zijn met wat jullie bezig zijn, en dat je heel veel liefde hebt voor jullie (tweede) vaderland, en ik bewonder jullie voor het werk dat jullie al verricht hebben en het moois dat jullie al hebben opgebouwd.
Als ik dat onvoldoende heb belicht in mijn Dagboek, dan mijn excuses ervoor, ik hoop dat dit bij deze is rechtgezet.
PS, ik hoop dat jullie van het online-fotoalbum hebben genoten?
Van Jos aan LucLuc , je bent inderdaad niet zuinig geweest met fotograferen , bedankt hiervoor .
bedankt ook voor je reactie om mijn verhaaltje .
Ik reageerde vooral omdat ik hoop dat andere mensen die jou (volgens mij ook in nederland erg goed gelezen ) weblog bekijken, een genuanceerde kijk op boeren in Portugal zouden krijgen ( zoals bv. mijn kennisen, een toekomstige stagaire etc.)
Dus ik hoop heel spoedig mijn reactie terug te vinden op het boerenblog
hartelijke groeten , jos van acht
Van Luc aan JosDat is dus bij deze gebeurd, succes nog in gezin en bedrijf.
Labels: Dagboek
Is er nog toekomst in de landbouw?
Een hele tijd geleden kreeg ik eens van een jongere een vraag of er nog toekomst is voor de boeren.
Ik mocht het antwoord gerust op mijn blog zetten, was de boodschap.
Wow !
Heb je een dag of twee?
Dan kan ik het hier eens uitschrijven.
Zo zal het dus niet gaan, maar dat er toch nog jonge mensen zijn die goesting hebben om te boeren, en plezier vinden in hun werk, zal ik hier met enkele voorbeelden aantonen:
Een paar maanden geleden zat ik met een jongedame (15) in de auto en we babbelden wat over vanalles, ook over school, tot ik op de man (pardon vrouw) af vroeg wat ze later wilde worden. Het antwoord kwam heel vlug, daar was blijkbaar over nagedacht. “Verpleegster, of iets met boekhouden” en na een korte stilte, maar toch vastberaden: “of misschien boerin zoals mijn mama, ’t is een beetje te zien bij wie dat ik val”. Op zo’n moment zit je daar toch een beetje stil te luisteren, deze jongedame is opgegroeid in een gezin waar de boerderij mee aan tafel beleefd wordt in het ganse gezin, waar het werk niet gedegenereerd wordt tot middel van verschaffing van inkomen, maar waar de liefde voor het vak met de paplepel ingegeven wordt.
En ja, dat zijn daar in dat gezin van die jongeren die meer vakantietijd mogen besteden tussen de koeien en de varkens en op het land dan te gaan shoppen of aan het strand liggen.
Toen wij bezig waren om een studiereis van de veeverbeterings vereniging voor te bereiden, had ik een potentiële kandidaat aan de telefoon om ons op zijn bedrijf te ontvangen.
We waren van harte welkom was zijn besluit, toch had hij één vraag, één opmerking.
Hij wilde absoluut dat op de uitnodiging naar de leden niet alleen de naam van hemzelf vermeld werd als bedrijfsleider, maar evengoed en voluit de naam van zijn echtgenote.
Niet meewerkende echtgenote zoals dat dikwijls officieel heet, maar “boerin”.
Zijn vraag was ingegeven door de vaststelling dat zowel de boer als de boerin evenveel verdienste hebben aan de opbouw van het bedrijf, en zovele keren wordt dit over het hoofd gezien, en is de naam van “de boer” meteen ook de naam van de boerderij.
Toch wel opvallend, die vraag, maar zeker op zijn plaats.
Gisteren zat ik omwille van beroepsomstandigheden aan tafel met een jongedame van vooraan in de 20. We spraken over …. ja, over datgene waar we moesten over praten, maar onder andere ook over haar beroepsactiviteiten, en ook over privé.
Ze vertelde me dat ze binnen enkele weken ging trouwen.
Voor ik er goed erg in had vloog het eruit, en vroeg ik “en dan, … ga je boeren?”.
Haar antwoord kwam even snel als heftig. Haar ogen lichtten op en zonder nadenken kwam het eruit: “ja, ik wil boeren!”.
Daarna volgde wat uitleg over de bedrijven van ouders en schoonouders, eerst nog een paar jaartjes werken, maar daarna zeker graag overnemen, uitbreiden, en samen boeren en werken aan het bedrijf.
Dit geeft nog hoop voor de toekomst !
Regelmatig lees ik op de blog van de moeder van Boerinnetje hoe zij als stadsvrouwtje terechtgekomen is op de boerderij, en bijna elke dag verwonderd is hoe eenvoudig de boer zich plooit naar de natuur, de seizoenen het werk met de dieren.
Natuurlijk gaat niet alles vanzelfsprekend, maar boeren houden niet van zoveel poeha, er moet geen vergadering belegd worden om te schikken over wat in de volgende vergadering zal besproken worden. Er wordt wat informatie ingewonnen, boer en boerin nemen een beslissing, en die wordt zonder veel trammelant ook uitgevoerd. Veelal zal later blijken of die beslissing de juiste was, maar er wordt nog veel geredeneerd “niet geschoten is altijd mis”.
Wat mij vooral opvalt aan de toon van de weblog van “
ik ben boerin” is de liefde voor het vak, de ongeremde “goesting” om er aan te werken, en het plezier dat beleefd wordt aan de uitlatingen van klein Boerinnetje waaruit mag blijken dat ze de boerderij vééél belangrijker vindt dan al dat stadsplezier. En met het nieuwe leven op komst (misschien wel een klein Boertje?) wordt dit alles intens beleefd, en zeer prettig neergeschreven.
Een aanrader!
Over de relatie boer-boerin schreef ik ook ooit al eens een Dagboek “
Boer zkt boerin”.
Misschien nog eens lezen?
Misschien is dit niet echt een antwoord op de vraag van de jongeman hierboven, toch wil ik nog aangeven dat er nog veel jonge mensen zijn die nog goesting hebben om te boeren en hoewel de basis niet altijd vanzelfsprekend is kan je er komen door alles vast te pakken wat op je af komt.
Labels: boeren, boerendochters, boerzoektvrouw, Dagboek, verhaaltje, VRV
Ze spelen daar met mijn ..... geloof ik.
Verleden week werd mij gevraagd om een Dagboek klaar te maken.
Het was zo druk rond het weekend dat ik er niet toe gekomen was om het te schrijven, ik weet uit ervaring dat men het graag ten laatste op dinsdag wil ontvangen om eventueel nog te verbetere, en dan wordt het donderdag gedrukt om vrijdag te bedelen onder de leden van Boerenbond.
Dinsdagvoormiddag was ik nog niet helemaal klaar, via mail vroeg ik nog even uitstel, in de veronderstelling dat wanneer ze dat weten dat het eraan komt, dan kunnen ze daar nog een beetje tijd voor uittrekken.
Niet dat dit veel nodig is, wanneer ik een Dagboek aflever dan is dat volledig af, misschien staat er nog een klein schrijffoutje in, maar het indelen in alinea's, het kontroleren van de werkwoord-tijden, de zinsbouw, de juiste hoeveelheid tekst (4000 lettertekens is het maximum) dat doe ik helemaal zelf.
Dus als ik dat opstuur naar de redaktie is dit kwestie van nog eens te overlezen, klaarmaken voor druk, en dat is het.
Wanneer ik een Dagboek zal zien verschijnen in De Boer, dan neem ik een beetje mijn voorzorgen.
Ik kondig dat aan op mijn blog, zorg dat iedereen het goed weet, en dan op donderdag bezorg ik dit Dagboek aan de lezers van mijn blog als "previeuw".
Een primeur voor de vaste lezers dus.
Zo deed ik het ook weer deze week, met het Dagboek over pOrtugal.
Ik had dan netjes mijn tekst ingeleverd (doorgemaild) tegen woensdagmorgen, er kwamen nog een paar mailtjes met vragen om verduidelijking, een kleine aanpassing (ik was vergeten te vermelden dat we hoofdzakelijk Nederlandse bedrijven hadden bezocht).
Zo plaats ik netjes Mijn dagboek op de blog.
Vol verwachting sla ik als abonnee van De Boer & Tuinder de bladzijden om, en bemerk tot mijn ontzetting dat het dagboek niet van mijn hand is.
Zonder verwittigen had men dus een ander Dagboek genomen.
Mijn humeur ziet er dan ook zo uit:
Wel, als de dames van de redactie van De Boer denken dat ik dat leuk vind, nee hoor!.
De ene keer veranderen ze de titel zonder navragen, dan eens een stukje tekst, en nu dit !
Denken ze misschien dat ik daar alleen voor mijn plezier een uur of 3 4 aan werk???
Ik vind dat ze dat minstens eens mochten vermeld hebben!Oja, in plaats van de puntjes in de titel mag u hetvolgende woord invullen:........ = geduld.
Labels: BoerTuinder, Dagboek
Dagboek: Portugal, land van melk en ... droogte.
Hierbij in previeuw het Dagboek over onze studiereis naar de melkveehouderijbedrijven in Portugal.
Portugal, land van melk en ….droogte.
Verleden week had ik het genoegen om mee te gaan met de jaarlijkse meerdaagse studiereis van Melkveeclub Westhoek Holstein. Verleden jaar was Krista mee naar Ierland, dus was het dit jaar mijn beurt.
Hoewel Krista alle taken van het melken en kalveren voeren op zich nam (soms tot net voordat ze naar de markt in Brugge vertrok) zijn er nog tal van zaken te regelen voordat een boer van zijn boerderij wegkan. Zo heb ik de laatste avond nog een tiental koeien drooggezet, dat waren er dan toch al zoveel minder om te melken.
Reizen is wel leuk, jammer dat die vervelende tijd op en rond het vliegtuig daar altijd bij staat. Maar eens we voet op Portugese bodem gezet hadden konden we weer ons hartje ophalen want meteen reden we naar ons eerste melkveebedrijf. Oorspronkelijk was dit bedrijf opgezet als (Havep) fokbedrijf, nu was dit geëvolueerd naar enkel nog economisch produceren. Meteen werd duidelijk dat dit de doelstelling is van de melkveehouderij in Portugal.
De meeste bedrijven die we bezochten waren van Nederlandse origine en hadden ongeveer 200 – 300 koeien. Volgens de bedrijfsleiders is dit de schaalgrootte waar men met 2 à 3 personeelsleden behoorlijk goed kan ronddraaien. Zijn er minder koeien, dan werkt het personeel minder efficiënt, zijn er meer dan moet serieus geïnvesteerd worden in melkcapaciteit en personeel. De echte Portugezen zijn niet erg werkzaam, vertelde men. Dat is goed te begrijpen, want de slimme Portugezen trekken naar het buitenland en verdienen een veelvoud van wat op de boerderij te verdienen is. Dus wat overblijf dat zijn de minder werkzame of minder betrouwbare arbeiders. In de meeste gevallen echter werd beroep gedaan op (nog goedkopere) buitenlandse arbeidskrachten. Polen, Roemenen, Georgiërs, Oekraïeners, en noem maar op.
Ondanks het feit dat de meeste boeren die we daar bezochten daar al een tiental jaar waren zijn ze nog druk bezig om hun boerderij op punt te zetten, en werd luidop gedroomd van bepaalde wensen rond erfinrichting en sleufsilo’s. Dit ontlokte aan menig Vlaamse boer de bemerking dat het dan eigenlijk niet anders is dan bij ons, er is goed te leven van wat de boerderij opbrengt, maar vooral de overheid en de milieumaatregelen zorgen ervoor dat we er net niet toe komen om een spaarpotje aan te leggen.
Onze indruk van Portugal is dat daar geen grote bergen geld verdiend worden. De melkprijs ligt weliswaar enkele centen hoger dan de onze, quotumprijs is miniem, of zelfs over quotum melken is eerder standaard dan uitzondering. Maar de bijkomende kosten aan ruwvoederwinning liggen bijzonder hoog. Sinds mei had het niet meer geregend en dat zou dan ook zo blijven tot eind september, begin oktober. Dus alle gras is dood, en moet standaard heringezaaid worden. De eerste maaisnede komt er in januari en dan volgt een tweede en eventueel een derde snede, afhankelijk van het weer. Maïs is voldoende te krijgen op contract, maar wie enige opbrengst wil halen moet de hele zomer beregenen.
Hoewel het Portugese onderwijs geroemd wordt omwille van zijn degelijkheid volgen de meeste kinderen nog de Nederlandse school in Portugal, enkele uren per week. De meeste jongeren worden na hun middelbaar weer naar Nederland gestuurd om verdere studies te voltooien. Het verwondert ons dan ook helemaal niet dat de meeste emigranten na hun avontuurlijke loopbaan van plan waren om terug te keren naar hun thuisland. De vraag die velen van ons dan stelden was wat ze dan eigenlijk bereikt hadden? Vertrokken ofwel met een zak geld vanwege ergens (duur) onteigend ofwel met veel ambitie om echt te willen boeren, maar geen plaats op het ouderlijk hof. Aankomen in den vreemde, al of niet voor een bepaald deel bedrogen in de aankoop van een boerderij, zeer moeilijk of niet kunnen integreren, de kinderen die toch een stuk van je weggroeien als ze een vreemde taal beginnen te spreken, hen dan wegsturen naar Nederland naar school, vreemde arbeidskrachten in een steeds wisselende taal en voor korte duur, voeder is zeer duur in aankoop, net als de goede (beregenbare) grond. En na hun loopbaan terugkeren naar het thuisland, waar de bekenden van vroeger ook hun eigen leven leiden.
Mijn bijzondere aandacht ging ook uit naar de werking en organisatie van De Kennisclub, een poging tot netwerkvorming onder de Nederlandse emigranten. Er worden studievergaderingen, feestjes en bedrijfsbezoeken georganiseerd, er is het online contact via de website en Nieuwsbrief. Toch loopt het niet allemaal op wieltjes. De meeste boeren die ik daar sprak kenden de werking, maar namen er niet actief aan deel. Toch had het volgens sommigen een bijzonder bindende waarde voor de emigranten, volgens anderen leek de info soms op koffieklets.
Boeren onder de bakkende Portugese zon, het is in Vlaanderen niet slechter zeker?
Kijk voor alle foto’s op
http://www.boerenblog.blogspot.com/Luc Callemeyn
Voor het foto-album over onze reis naar Portugal:
(Klik op de foto)
Labels: Dagboek
Helemaal terug.
Ik ben al helemaal terug van weggeweest na 5 dagen Portugal melkveehouderij.
Het was er goed om rond te kijken, bedrijven te zien, van 200 tot 700 koeien (kleiner is niet interessant, groter is moeilijker te overzien), de streek te bekijken, te ervaren dat het vanaf nu tot september daar niet meer zal regenen, dat alles zal verdorren en afsterven, en dat ze alles terug zullen moeten inzaaien in september-oktober.
Tenminste, alles wat niet beregend is, maar dat kost handenvol geld en veel moeite en vooral veel water.
Ik verschiet er niks in dat de ruwvoederprijzen daar heel hoog zijn, als ze al te vinden zijn.
Ze mogen daar dan nog een iets hogere melkprijs hebben, 't is niks voor mij denk ik.
Zoals men zo dikwijls zegt, weer een ervaring rijker.
Zo winnen we altijd wel iets. Is het geen geld, het is dan wel verstand.
Men heeft mij vanuit de redactie Boer & Tuinder gevraagd om nog eens een Dagboek te produceren, ik denk dat ik het daar maar eens zal over hebben.
Labels: boeren, BoerTuinder, Dagboek
Dagboek: Doe nooit wat onkuisheid is
Hierbij ziet u in primeur het 21ste Dagboek dat ik schreef voor Boer&Tuinder, het weekblad voor de professionele leden van Boerenbond.
Doe nooit wat onkuisheid isIn deze tijden van Eerste en Plechtige Communies is de inhoud van de tien geboden actueler dan ooit, hoewel men het niet meer leert zoals in mijn tienertijd. Wij hadden toen nog een pastoor (in soutane, jawel) die eraan hield om ons twee keer per week te onderwijzen over de catechismus, de tien geboden, de akten van geloof, hoop en liefde. Vandaag zoekt en vindt men nog elk jaar vrijwilligers om de kinderen wat te vertellen over het christelijk geloof. Bijhorend vraagt men dan de twaalfjarigen om op zondag aanwezig te zijn in de kerk. Deze week waren er drie present (van de twintig), op Pasen waren ze ook met drie. Waar blijft de vroegere oproep aan de gelovigen van “Ga elke zondag naar de mis”, later afgezwakt tot “Houd steeds uw Pasen”? Het lijkt er bijna op dat men aan die plechtige communicanten de boodschap meegeeft van: “Nah, dit was misschien de laatste keer dat het nog eens echt moest.” Sorry voor meneer pastoor, maar zo voelt het toch een beetje als je als 44-jarige in de kerk zit en er bijna de jongste bent.
Maar we wijken af, er zijn een paar lezers die hier enkel gekomen zijn omdat ze verlekkerd zijn over wat ik ga schrijven over het zesde Gebod: ‘Doe nooit wat onkuisheid is’. Wel, eerlijk gezegd, niets. Maar ik wil je wel iets vertellen over het vijfde Gebod: ‘Dood niet, geef geen ergernis’, en dan vooral over dat laatste. Natuurlijk heb ik het dan over de ergernis die mensen kunnen bezorgen aan een boer.
Soms hebben wij hier bezoekers op de boerderij die met een grote zwaai (en een even grote Mercedes) het hof komen opgereden, vlak voor de oprit parkeren, en dan besluiten dat dit het meest geschikte moment is om even mobiel te bellen. Als vriendelijke mens komen wij uit ons huis of onze stallen, we gaan alvast de bezoeker tegemoet, en dan sta je daar wat verloren te wachten tot meneer gedaan heeft met bellen. Omwille van de privacy wil je niet meeluisteren, weggaan is ook al verkeerd want straks moet die kerel je ook weer komen zoeken. Vanaf nu geldt een nieuw reglement: ofwel blijven ze op straat staan, ofwel moeten ze hun gesprek maar afbreken, anders ga ik weer weg en dan zien ze mij niet meer terug. Moeten ze maar op een andere keer terugkomen.
Van een ander kaliber zijn diegenen die een echt boerenhof gewoon zijn. Aan de voordeur bellen doen ze niet, dus gaan ze zoals gewoonlijk recht naar de achterdeur, doorheen de wasplaats en het bottenhoekje, en voordat je het weet staan ze in je keuken, je woonkamer of je bureau. Van privacy hebben ze nog nooit gehoord, laat staan dat ze dat goed zouden kunnen toepassen. “Maar we moeten overal langs achter binnengaan”, zeggen ze. Wel, bij ons niet! Wij bepalen wie langs achter binnenmag en wie langs voren komt.
Dan zijn er ook bezoekers die het niet nodig vinden om zich aan te melden. Ze zien iets bewegen of horen lawaai achteraan, en dus gaan ze op zoek. Blijkbaar beseffen ze niet dat wij over onze oprit zo een luchtslangetje hebben liggen dat ons meldt wanneer iemand binnenrijdt. Wanneer wij dat horen, komen wij vanzelf wel af. Wat zien we dan? Een auto op de binnenplaats, onbekend, en niemand erin. De spannende vraag is dan waar die persoon naartoe zou kunnen zijn. Links of rechts? In het ene geval kom je elkaar vlug tegen, in het andere geval blijf je rondjes lopen achter elkaar. Ook een veelgemaakte fout is een leverancier die maar meteen doorrijdt naar achteren om daar iets af te zetten. Allemaal heel begrijpelijk, maar Krista hoort de bel, stopt met haar werk in de kaasmakerij, kijkt naar buiten en ziet dus niemand. Even later komt die auto weer van achteraan weggereden, weer over dat luchtslangetje, weer kijken we buiten, weer is er niemand.
Soms komen er ook bezoekers die geen tijd hebben om te wachten. Een boer is meer en meer met ingewikkelde administratieve zaken bezig, waarbij het nodig is dat je je concentreert op het telefoongesprek, het opstellen van een mail, een Sanitelaangifte of bankverrichtingen. Het is dan bijzonder vervelend om gedurende een gesprek met de ambtenaar van de administratie – die je na lang wachten eindelijk te pakken krijgt – iemand van verre te horen roepen, toeteren en uiteindelijk weer te zien wegrijden op het moment dat je net je hoofd buiten steekt. Je zou ze ….
En dan heb je nog bezoekers die langskomen zonder een afspraak te maken, gelukkig al veel minder dan vroeger. Een tijdlang zond Krista iedereen weg die geen afspraak gemaakt had. Zo was er eens een verkoper die aan de deur kwam en die bijna teruggestuurd werd. “Ja maar”, antwoordde hij kleintjes, “Luc heeft daarnet gebeld met zijn gsm met de vraag of ik zo vlug mogelijk kon binnenkomen …”
Labels: BoerTuinder, Dagboek
Dagboek
Dagboek is gemaakt, nog even wat verbeteren en dan doorsturen naar de redactie.
De publicatie is voorzien voor vrijdag.
Tenslotte heb ik 5 items gevonden die te maken hadden met dat zoveelste Gebod van de 10 Geboden, en die ik van toepassing kon laten zijn op het Boerenleven.
Benieuwd? In de loop van de week krijgt u dan de primeur op Boerenblog.
Labels: BoerTuinder, Dagboek, verhaaltje
Een nieuw Dagboek te schrijven.
Er is mij gevraagd vanuit de redactie Boer & Tuinder om een nieuw Dagboek te produceren.
Ik loop al een tijdje te denken aan de titel
:"Doe nooit wat onkuisheid is."Eentje van de 10 geboden dus.
Kunnen jullie zich daar wat bij voorstellen (wat te maken heeft met het dagelijkse leven van een boer)?
Plaats het in de comments aub (en hou het proper)
Labels: Dagboek
Dagboek: ik zou zo graag eens "een vliegske" willen zijn ....
Voor de lezers van deze blog (en speciaal voor Benny), in primeur het Dagboek van deze week.
De lezers van Boer & Tuinder zullen het pas morgen kunnen lezen, maar jullie hebben natuurlijk wel een voetje voor.
Ik zou zo graag eens “een vliegske” willen zijn.
Dat heeft mijn moeder me dikwijls voorgehouden toen ik me in de jaren tachtig klaarmaakte om mij in het uitgaansleven te storten. En dat “storten” was wel letterlijk want op vrijdagavond was er de KLJ-activiteit, op zaterdag bezochten we een fuifje en de zondagavond was Het Schutttershof onze vaste stek.
Om van mijn moeder haar gezegde af te zijn hield ik haar voor dat zij als “vliegske” nooit rap genoeg kon vliegen om mij te volgen.
Dat oude gezegde spookt mij soms door het hoofd als ik mensen van buiten mijn bedrijf hoor oordelen over ons, bijvoorbeeld van een klant in onze winkel, van bekenden die we zagen op de beurs in Gent of Roeselare (kaas gekocht of net niet) of van de bezoekers aan ons bedrijf. Misschien moet ik maar beter toch niet alles horen. “Het zijn niet allemaal vrienden die lachen naar u”. (Ook een spreekwoord van mijn moeder.)
Langs de andere kant kan ik me nog wel situaties voor de geest halen waarin ikzelf wel dat “vliegske” zou willen zijn.
Zo ben ik eigenlijk razend benieuwd hoe de onderhandelingen rond dat nieuwe MestActiePlan wel verlopen. Ik kan me voorstellen dat aan de ene kant van de tafel een groepje mensen zitten die bepaalde eisen in hun hoofd hebben rond milieu en omgeving (en natuur). Of die technisch onderlegd zijn weet ik niet. Meestal gebruiken ze “de wil van Europa” als stok (of zeg maar knots) achter de deur om hun zin door te drijven. Aan de andere kant van de tafel zit een vertegenwoordiger van de boeren, en die moet er voor zorgen dat het eisenpakket niet te zwaar wordt.
Nu kunt u zich wel indenken beste lezer wat onderhandelingen zijn. U hebt wellicht al eens onderhandeld over een machine, of zat wel eens aan een (notaris) tafel om een stuk grond aan te kopen. Wel, als de voorwaarden te zwaar worden, dan heft men zijn gat op, en men is weg. Beetje cru gezegd, maar zo is het.
Gaat dat in die stront-onderhandelingen ook zo? Ik bedoel maar, het is daar zeker net als bij de solden, eerst verhoogt men de eisen buitensporig (op papier), en daarna kan men afzwakken tot het er zelfs als een cadeautje uitziet. Hoe kan men zich als boerenvertegenwoordiger weren tegen de druk van Brussel?
Minister Peeters, die is niet van de domste, daar stroomt nog een beetje zelfstandigenbloed door de aders. En die heeft gedacht:” WIJ zullen geen nieuw Mestdecreet opleggen aan de boeren, we laten het hen zelf schrijven en dan vertellen we hen wel wat er verkeerd aan is”. Meteen worden ook alle problemen rond knelgevallen en uitzonderingen van tafel geveegd, de sector moet zelf maar zorgen dat alles van de eerste keer in orde is. Dan stel ik mij de vraag of die onderhandelaar van ons wel ver genoeg is gegaan.
Toen ik een paar Dagboeken geleden schreef over de aankoop van melkquotum of “gebakken lucht”, over de geplande afschaffing in 2015 en over die massa investeringen die dan in niets zullen opgaan was er een lezer die me vroeg in welke zure appel ik gebeten had toen ik dat schreef. Het zat me toen nogal hoog, en dat liet ik best wel merken in mijn tekst.
Op vandaag mag u gerust denken dat ik
een liter azijn gedronken heb want de toon is er niet minder om.
Ik ben namelijk een weekje geleden mijn mestpapieren gaan invullen, en daar bleek dat ik naast mijn eigen 25 ha nog op zoek mag naar 38 bijkomende ha.
Kunt u zich dat voorstellen? Iedereen hier in de streek moet net als ik op zoek naar bijkomende hectares. En die zijn er niet. Als ik die reken aan de prijzen voor burenregeling die ik hier en daar al hoor rondstrooien, dan zal deze grap mij 200 € per koe kosten aan extra mestafzet. Dat is zo ongeveer 10 % van de omzet (niet winst!) uit melk. Puur voor de natuur. Kom maar eens met zo’n heffing af bij de werknemers, Meneer Peeters !
Bijzonder jammer vind ik dan dat iedereen die in dit dossier betrokken is moet toegeven dat nog nooit enig onafhankelijk onderzoek heeft aangetoond welke relatie er is tussen (tijdstip van) bemesting, grondsoort, humusgehalte, regenval en uiteindelijk het gehalte aan reststikstof in de bodem.
Dan vind ik dat de overheid al vanaf de groene minister Vera Dua tot op vandaag een ferme steek heeft laten vallen en hun nieuwe mestdecreet op drijfzand hebben gebouwd. En het is de boer die erin zal wegzakken.
Maar, wie ben ik als Dagboekschrijver om nu en dan eens een prikje uit te delen. Een “vliegske” zoals ik, die overal een beetje zijn neus insteekt, moet ook opletten.
Niet zelden klapt men wild in de handen waar een vlieg voorbij komt (meestal niet van blijdschap) en soms staat aan het einde van de rit iemand met een vliegenmepper klaar die met een zelfvoldane kreet het “vliegske” plat klopt.
Zo, die zal niet meer steken.
Luc Callemeyn, dagboekschrijver. (De boer van "De Boer", zegt men soms)
Wel, nu is 't aan u.
Reageert u maar.
Als u durft.
Labels: BoerTuinder, controle, Dagboek, mest, Minister, rechtszekerheid, verhaaltje
"Ik zou zo graag eens.... een Dagboek willen schrijven.
Er werd mij gevraagd om tegen de editie van volgende week in "Boer en Tuinder" een nieuw Dagboek te "produceren", deze week is Pierre Michiels nog aan de beurt.
Voor wie het niet weet, dit Dagboek beslaat een halve bladzijde (3800 à 4000 lettertekens) in Boer & Tuinder, en dit wordt verspreid onder
de leden van Boerenbond in Vlaanderen, maar ook bij de administraties, bij de ambtenaars, zelfs bij de Minister. Er zijn wekelijks 25.000 exemplaren (meestal gelezen door meerdere personen) en in het midden vindt men het Dagboek, afwisselend geschreven door 8 vaste schrijvers.
Ik behoor al bijna 4 jaar tot de vaste schrijversploeg.
Ik had gedacht aan een titel zoals: "Ik zou zo graag eens een vliegske willen zijn ...."
Beste lezer, ik ben eens benieuwd waar zou u, of had u wel eens een "vliegske" willen zijn ?
Reactie via de comments.
Laat je maar eens gaan, ik wacht vol spanning.
Labels: BoerTuinder, Dagboek, verhaaltje
Mijn Dagboek van deze week in Boer & Tuinder.
Controle. Mag het ietsje meer zijn ?
Op de laatste MTR vergaderingen zijn we er telkens met de neus op gedrukt dat wij controle kunnen verwachten voor elke € premie die wij (terecht !) ontvangen, vanuit het principe “vertrouwen is wel goed, maar controle is nog beter!”. Tja, en dan doe je maar je papieren zo goed mogelijk, komt er dan zo’n wagentje op ’t hof gereden met twee mannen erin met een aktentasje. Je weet wel.
Of ze nu (on)gelegen komen of niet, de ongenode gasten nestelen zich in je keuken, kijken vragend of er koffie is, terwijl jijzelf de hele bureau mag overhoop halen om hen tot het laatste formuliertje van dienst te zijn.
Ik overdrijf natuurlijk, maar mijn pleidooi is eigenlijk om toch wel een beetje meer controles te doen. Wablieft ?
Neen, ik heb in mijn titel bewust een woordje weggelaten. Ik zou met aandrang willen vragen om wat meer aangekondigde controles te doen.Wanneer die puntjes-op-de-i-zetters in het begin van de week hun planning maken, dan weten ze toch wel bij wie ze zullen langsgaan zeker? En is dat dan zo moeilijk om dat even telefonisch te melden? Al ware het maar de avond ervoor. Iedereen weet toch wel dat als er iets echt administratief verkeerd is, dat je dat niet meer vlug kan verdoezelen. Maar we kunnen dan wel al de juiste papieren netjes klaarleggen. En gewoon maken dat alles in orde is.
Dit moet toch wel de ultieme droom zijn van elke controleur : ergens toekomen, de koffie staat al dampend klaar, dreupelke erbij (oeps, mag niet), administratie volgens het boekje controleren, handruk nadien, complimentje erbij, goed gewerkt mensen. Zo zouden ze veel meer en nog veel efficiënter de bedrijfsactiviteiten kunnen controleren. Ik heb het maar van horen zeggen, maar ’t schijnt dat er controleurs zijn die er alleen maar op uit zijn om iemand te pakken. Foei toch!
Maar kijk, wat ik eigenlijk wilde zeggen is dat wij op onze bedrijven allemaal proberen om zo efficiënt mogelijk om te gaan met onze beperkte tijd, dat onze dag helemaal vol gepland zit met vaste en losse werken. Dat wij soms halve nachten in de weer zijn voor oogst of voor een kalving. Wel, dan kan een voormiddagje onverwacht controlebezoek uitdraaien op stress, hartkloppingen, slapeloze nachten, administratieve burn-outs, zelfs depressies, agressiviteit of gebroken gezinnen. Mensen die prima geschikt zijn voor hun werk, met liefde voor de stiel, een bedrijf als een plaatje. Maar die er gewoonweg niet durven aan denken dat er een onverwachte controle zou kunnen komen, en ’t moet er maar om doen dat er een datumpje of een formuliertje niet ingevuld is.
Op enkele gelegenheden, waaronder Agribex, heb ik daar onder andere verantwoordelijken van FAVV aangesproken, en tot mijn oprechte blijdschap stonden de PCE hoofden en zelfs woordvoerder Pascal Houbaert ten zeerste open voor mijn idee. Men heeft mij uitgelegd dat een minimum aan onaangekondigde controles soms nodig zijn, maar meestal helemaal niet expleciet voorgeschreven in de wet, en dat een controleur zijn werk moest doen met respect voor de klant. Ik mag het verhopen.
Zaterdagmorgen om zes uur waren mijn koeien onverwacht gaan “wandelen”. Ze hadden ontdekt dat een deurkruk ook beweegt als je er wat tegen wrijft en kozen met een twintigtal de buitenlucht. Vlug rond de stal gelopen en wat hekkens dichtgedaan en dan vlug erachter. Ze hadden direct de pasgezaaide weide vooraan de boerderij ontdekt en genoten met volle teugen en wilde sprongetjes. En ik erachter. Maar van het snelle lopen in de zachte aarde moet ik plots in een putje getrapt hebben, en ik voelde mezelf alsmaar meer vooroverhellen, en hoe rapper ik mijn benen probeerde te verzetten hoe meer ik voelde dat dit helemaal verkeerd ging. En plots lag ik languit voorover op de grond. Enkel uit puur lijfbehoud hield ik het hoofd omhoog en bleef aldus gespaard van aarde in mijn gezicht. Ook hier mocht ik wat meer controle (over mezelf) gehad hebben.
Deze week kan u als lezer ook genieten van een primeur. Aandachtige fans van dit Dagboek weten wel dat wij een website hebben. Die bezorgt aan de surfer op het web wat meer informatie over ons bedrijf. Maar ik voelde bij mezelf de nood om nog meer en alerter in te spelen op de actualiteit en daarom maakte iets anders, namelijk
www.boerenblog.blogspot.com waar ik elke dag zelf iets nieuws kan aan toevoegen. Ik wil daar ook dit Dagboek in publiceren en nog veel meer, en vrij uniek is dan ook dat u als lezer daar zelf zal kunnen op reageren.
Misschien krijgt u dan wel het gevoel dat u zelfs dit geschrijf een beetje onder controle krijgt…
Luc Callemeyn.
Dit Dagboek staat elke week op een halve bladzijde in
de Boer & Tuinder, het wordt verdeeld door onze vakorganisatie aan 25.000 gezinnen in Vlaanderen, van boer tot Minister-President, van arbeider tot fabrieksdirecteur, en men vertelt mij dat iedereen toch mistens het Hoofdartikel en het Dagboek leest ...
Ikzelf kom in beurtrol ongeveer om de 8 weken aan bod.
Labels: bloopers trekkers., controle, Dagboek, Minister, voedselagentschap